Schietende pijn. Drukkende pijn. Een brandend gevoel dat vanuit je onderrug helemaal doorloopt tot achterin je been. Als dit bekend klinkt, heb je waarschijnlijk last van je nervus ischiadicus — de zenuw die bekendstaat als ischias. Het is de grootste en dikste zenuw in je lichaam, en veel rug- en beenklachten zijn er direct aan te herleiden.
Belangrijk: ben je al onder behandeling bij een fysiotherapeut of andere zorgprofessional? Bespreek deze oefeningen eerst met hen voordat je ermee begint. Ze kunnen anders tegenwerken met de behandeling waar je al in zit.
Waarom "gewoon rust houden" niet de oplossing is
De verleiding is groot om te wachten tot de pijn vanzelf overgaat. Maar bij ischias werkt dat meestal averechts. Er is een kortetermijndoel — de stress van de zenuw af halen, zodat je je dagelijkse dingen weer kunt oppakken — en een langetermijndoel: geduldig en gedisciplineerd je lichaam weer leren vertrouwen.
Dat tweede punt is minstens zo belangrijk als de oefeningen zelf. Bij langdurige ischiasklachten raakt je zenuwstelsel vaak overprikkeld, waardoor je nauwelijks nog onderscheid kunt maken tussen "ik voel mijn rug" en "ik heb pijn". Elke druk of spanning voelt dan meteen bedreigend, ook als dat niet nodig is. Voordat de oefeningen echt aanslaan, moet je dat onderscheid weer leren maken — rustig, stap voor stap.
Wat heb je nodig?
Beide oefeningen doe je liggend op de grond. Een prettige, stevige ondergrond maakt dat een stuk comfortabeler dan een kale vloer.
🛒 Aanbevolen materiaal
- Airex Coronella 200 fitnessmat → Prettige, stevige ondergrond om deze oefeningen liggend op uit te voeren.
Twee veilige oefeningen om mee te starten
Beide oefeningen zijn erop gericht om de druk en irritatie rond de zenuw te verminderen. Ga nooit naar de pijn toe — zoek juist de ontspanning op. Voel je irritatie, bouw dan af.
Oefening 1: Nerve flossing (liggend)
Ga op je rug liggen. Zorg dat je onderrug en je hoofd plat op de grond liggen.
Breng één been naar je toe — niet beide tegelijk, dat kan irritatie geven. Je voelt je rug neutraal worden, vaak als een soort ruimte of ontspanning.
Zet één hand onder je knieholte. Laat het onderbeen ontspannen rusten (of zet de voet op de grond, met de enkel dicht bij je billen).
Beweeg rustig je onderbeen heen en weer — dit is het "flossen" van de zenuw. Ga hierbij nooit naar de pijn toe, maar zoek steeds de ontspanning op.
Doe 15 rustige herhalingen per been.
Wil je overeind komen? Rol dan zijwaarts, kom op je hand en knieën, en kom van daaruit rustig omhoog. Dit is ook de veiligste manier om uit bed of van de grond op te staan.
Oefening 2: Opdrukken op je buik (compressie in plaats van druk)
Deze oefening geeft juist compressie in je onderrug, in plaats van de druk die normaal op je tussenwervelschijven staat — waar vaak de irritatie ontstaat.
Let op: deze oefening werkt vooral goed als je klachten worden veroorzaakt door druk op een tussenwervelschijf. Bij andere oorzaken (bijvoorbeeld vernauwing van het wervelkanaal) kan extensie juist averechts werken. Voel je tijdens of na deze oefening dat je klachten toenemen in plaats van afnemen, stop er dan mee en bespreek dit met een fysiotherapeut — dan past waarschijnlijk oefening 1 beter bij jou.
Ga op je buik liggen. Handen ongeveer op borsthoogte, voeten en benen ontspannen lang, blik naar beneden.
Duw jezelf rustig omhoog met je armen. Blijf gewoon doorademen — adem niet vasthouden, dat geeft je zenuwstelsel juist een alarmsignaal.
Houd de gestrekte positie ongeveer 15 tot 20 seconden vast.
Zak weer rustig terug naar beneden.
Niveau 2: beweeg rustig op en neer in plaats van de eindpositie vast te houden. Pas als je merkt dat je goed onderscheid kunt maken tussen "ik voel iets" en "het doet pijn", kun je toewerken naar een volledige strekking met meer bewegingsvrijheid. Bouw dit rustig op — sla geen niveaus over.
Hoe je dit opbouwt
Doe deze oefeningen dagelijks, eventueel meerdere keren per dag. Twee vuistregels: ga nooit naar de irritatie toe, en vermijd je rug ook niet — beweeg zoveel als je lijf aangeeft dat oké is, en breid dat rustig uit.
Iedereen is anders: jouw levensstijl en belasting bepalen mee hoe snel dit proces gaat. Voel je bij een bepaalde houding of beweging druk, dan betekent dat niet automatisch dat je pijn hebt. Leren dat verschil te herkennen is een van de belangrijkste stappen in het herstelproces.
Wil je hier gestructureerd mee aan de slag?
In het programma Heup & Mobiliteit bouwen we dit soort oefeningen stap voor stap verder op, met begeleiding op jouw klachten.
Bekijk Heup & Mobiliteit